De dorpsverteller zwijgt

Joop Warmenhoven droeg de titel Nestor van de gemeenteraad met verve. Met zijn onafscheidelijke vrijgezellenstrik stond hij vanaf 1953 in de gemeenteraad voor de belangen van zijn dorp. Menigmaal schudde de raadszaal op zijn funderingen van het lachen wanneer Joop een anekdote uit zijn rijke arsenaal naar boven haalde. Bij zijn 40-jarig raadslidmaatschap ontving hij de zilveren eremedaille van de gemeente en werd “Raadsraaf” genoemd. Vijf jaar later werd het scheidende raadslid van Gemeentebelangen geridderd. Jarenlang streed Joop vanuit de Bouw- en Houtbond, waarvan hij sinds 1953 voorzitter was, voor het belang van de arbeiders. Hij was niet altijd gemakkelijk; men kon niet om hem heen. Voor de Voorhoutse historie was Joop jarenlang een roepende in de woestijn. Geschiedenis en oude gebouwen waren niets voor “(bollen)boeren.” Er viel volgens Joop nog veel te behouden. Hij las eens een uitspraak van Potgieter die hij helaas wel heel erg op Voorhout van toepassing vond: “Waar ooit de slopershand verscheen, kwam zelden iets mooiers dan voorheen”. Niets voor niets reageerde hij direct positief op de oproep van oud-burgemeester Cor de Ronde om tot een historische vereniging te komen. Binnen de Historische Kring Voorhout, waar hij voorzitter van werd, had hij een broertje dood aan het gebruik van bijnamen. Joop betitelde ze als scheldnamen. Nog dit jaar liet hij dit het bestuur uitgebreid schriftelijk weten. Maar wat zien we in de verschillende boeken waaraan hij zijn medewerking verleende, of zelf schreef? Ze stonden er vol mee. Voor de fusie van Voorhout met Sassenheim en Warmond verscheen deel vier van zijn boekenserie Dirk Draadje. Auteur Joop Warmenhoven deed met dit laatste deel het licht in de gemeente Voorhout uit. Joop was een volksverteller optima forma. Hij boeide zijn publiek en dat daarbij de waarheid wel eens geweld werd aangedaan, maakte niet uit. Joop was trots op zijn Historische Kring. In het eerste nummer van de Dwars Op in 1998 schreef hij: “Wij, John Bakker, Simone Heikens, Emiel van der Hoeven, Piet Verdegaal, Dick van der Tang en ondergetekende, gaan enthousiast aan de slag. Onze nieuwe vereniging heeft ambitieuze plannen. Deze plannen lopen van de Voorhoutse geschiedschrijving tot de inrichting van een museum of oudheidkamer.” Dit laatste mag hij niet meer meemaken. De stem van de dorpsverteller pursang is voor altijd verstomd, maar in herinnering blijven zijn publicaties en anekdotes.
Emiel van der Hoeven, secretaris.